| Stevin, Simon De Beghinselen der Weegconst 1586 | ||||||
|
61
tot EN, alsoo G tot I. Laet ons ten tweeden E ansien voor vastpunt, ende F voor t'roerlick; Daerom (door t'voornoemde 20. voorstel) ghelijck MF tot FO, alsoo H tot K.
T'BESLVYT
. Hanghende dan een pilaer euestaltwichtich teghen twee scheefhefwichten: Ghelijc scheefheflini tot rechtheflini, alsoo elck scheefhefwicht tot sijn rechthefwicht, t'welck wy bewysen moesten.
HANGHENDE
een bekende pilaer an twee oneuewydighe linien als hier neuen; Tblyckt dat bekent sal worden hoe veel ghewichts an yder lini hangt, ofte hoe veel ghewelts yder lini doet.
WY
hebben tot veel voorbeelden der voorstellen deses boucx, ghenomen den pilaer, als bequaemste form tot de verclaring des voornemens oock vastpunt ende roerlickpunt ghestelt inden as. Wy sullen nu door dit laetste voorstel, bethoonen de reghelen van dien ghemeen te wesen ouer alle formen der lichamen hodanich sy siin met vastpunt ende roerlickpunt daert valt.